Arsis-thesis in muziek, dans en dichtkunst.        articles                        home
 
Er is de nodige verwarring over de exacte betekenis van de begrippen arsis en thesis. Ik gebruik zelf in de oude muziek (barok en klassiek) graag de begrippen arsis en thesis om mijn zangers en vooral ook de spelers te wijzen op de tekstbepaalde afwisseling van betoonde en onbetoonde lettergrepen en dus ook van noten. Van een voormalige gymnasiast die zijn Grieks niet vergeten is komt dan soms de opmerking: 'Jij gebruikt arsis voor het zware maatdeel, maar arsis betekent opheffing en thesis betekent neerzetten, moet de thesis daarom niet het zware maatdeel zijn?'
De Grieken gebruikten de woorden arsis (opheffing) en thesis (daling) voor danspassen op lichte en zware maatdelen. Op het zware maatdeel werd de voet neergezet (↓=thesis, zwaar) en op het lichte maatdeel werd de voet opgeheven (↑=arsis, licht).
De middeleeuwse Latijnse taalkundigen ('grammatici') hebben deze begrippen overgenomen voor het stemgebruik. Zij formuleerden de arsis als de verheffing van de stem (↑=arsis, zwaar) en de thesis als het laten dalen van het stemniveau (↓=thesis, licht). Zo werd het opheffen van de voet=licht stemverheffing=zwaar en kregen de begrippen arsis en thesis een tegengestelde betekenis. In de dichtkunst worden sindsdien arsis=zwaar en thesis=licht in deze betekenis gebruikt om het ritme van de tekst aan te geven, met de symbolen   voor de arsis en \smile voor de thesis.
 
Deze symbolen worden ook gebruikt om de bekende versvoeten aan te duiden, zoals:
jambe         \smile
trochaeus    \smile
anapest       \smile \smile
dactylus      \smile \smile
anapest       \smile \smile
spondeus   
 
                                                         Resum:
arsis
thesis
Latijnse dichtkunst
↑=zwaar (verheffen van de stem)
↓=licht (laten dalen van het stemvolume)
muziek, Griekse dans
↑=licht (opheffen van de voet)
↓=zwaar (neerzetten van de voet)
Bron: o.a. Hugo Riemann, Musik Lexicon